
‘De schreeuw’ van De Noorse schilder Edvard Munch heb ik altijd, en wie niet, psychologisch geïnterpreteerd. Ik was dan ook heel verrast toen ik ten tijde van de uitbarsting van de vulkaan de Laki in Ijsland las, dat de hemel boven Oslo in 1883 werkelijk ‘had geschreeuwd’. De geel-oranje lucht op het schilderij (uit 1893) zou het gevolg zijn van de ontploffing van de vulkaan Krakatau in Indonesië. De as die in de atmosfeer terecht kwam, leidde over de hele wereld tot spectaculaire oranje zonsondergangen, aldus het artikel.
Ik heb het nooit geweten.
En kijk ik nu anders naar het schilderij van Munch? Dat is moeilijk. De eerste interpretatie blijft immers vaak op hardnekkige wijze de meest ‘werkelijke’. Daarnaast past de schreeuw ook nog eens zo naadloos in het oeuvre van Munch. Allicht brengt de wetenschap van een wonderlijke aswolk een extra gelaagdheid aan. Maar dan nog blijft het de verdienste van Munch dat hij in zijn werk de natuur zo schijnbaar moeiteloos naar zijn hand kon zetten. Of beter gezegd: de schilder maakte met behulp van het betreffende natuurverschijnsel iets zichtbaar. Uit zichzelf is de wolk immers stom en doof en blind. Pas de schilder laat aan de hand van die merkwaardig gekleurde avond in Oslo de ontreddering van een mens zien. En zo blijft het een kwestie van interpretatie. Van wolk naar kunstenaar. Van kunstenaar naar kijker. Tja, hoe feitelijk ook, een schilderij is toch niet letterlijk te nemen.
0 reacties:
Een reactie plaatsen